Author Archive for Saskia


Schijn een light op je site

Geschikte werknemers vinden is vaak best een klus. Zelfs als de werkloosheid hoog is. Met een stapel goede CV’s ben je er nog niet. De nieuweling in kwestie moet niet alleen uitstekend werk kunnen verrichten: als mens moet hij of zij ook bij de filosofie van het bedrijf passen, een klik hebben met de andere medewerkers, in potentie straks aan een woord genoeg hebben, zich prettig voelen in de omgeving waar hij/zij straks de meeste uren per dag doorbrengt.

Als je nieuwe mensen zoekt is het beter om te zorgen dat degene die je kiest al een intrinsieke klik heeft met de cultuur van je onderneming, dan achteraf te proberen de persoon te veranderen. Zoals menig liefdesrelatie strandt doordat de een de ander wil veranderen, geldt dat misschien ook wel in een werkrelatie. Tenzij er fanatiek aan verandermanagement wordt gedaan natuurlijk, maar dat kost doorgaans een hoop tijd, geld en moeite wat elk bedrijf zich liever wil besparen.

Belangrijk lijkt me om in het wervings- en selectietraject heel goed na te denken over wie je nu precies bent en dat ook duidelijk te maken aan de aspirant medewerker die je zoekt. Een goed begin is het halve werk! “Sollicitanten bezoeken eerst corporate site” kopt Marketing Online. Reden te meer om te zorgen dat die website gestoeld is op je echte identiteit en dus echt representeert wie/wat je in de kern bent. Het kan voor beide partijen een hoop teleurstellingen en tijdsinspanningen voorkomen, hoewel het natuurlijk geen 100% garantie geeft: persoonlijk contact werkt toch altijd nog het beste. En dat geldt niet alleen voor werving- en selectie maar natuurlijk ook voor potentiële klandizie. Mocht je wat tijd over hebben, grijp die kans en neem je site eens goed onder de loep! Of je (kantoor)omgeving, want die zegt ook wat over je…

Ps. Wij bij C-Roots vinden het altijd leuk om mee te kijken…

Saskia Schipper

 

Ons sociaal digitaal leven

De een noemt social media juist asociaal en pure wast of time. De ander ziet het als een verrijking van zijn sociale leven. De meningen zijn verdeeld. Zelf vind ik het leuk om te weten waar mijn vrienden waar dan ook mee bezig zijn (Hyves en Facebook), wie er een nieuwe baan heeft (LinkedIn) of een kind erbij, wat ze bezig houdt (Twitter). Ik vergeet nooit meer een verjaardag, kan complimenten geven zoveel ik wil, snel dingen afspreken met meerdere mensen tegelijk en nog veel meer. Natuurlijk zou ik dat liever live doen, maar eerlijk is eerlijk, dat zou nooit kunnen zoveel. Dus eigenlijk ben ik tegenwoordig juist beter op de hoogte van de sociale stand van zaken dan vroeger. En zonder Relatieplanet had ik mijn mannetje niet ontmoet waarschijnlijk.

Dat sociale media enorm in opmars zijn is duidelijk, maar in hoeverre dan? Kijk om daar achter te komen op je gemakje eens naar deze presentatie (en sorry voor het F-word overigens).

Saskia Schipper

 

Ruis uit het struikgewas

Zo’n beetje het eerste wat ik over communicatie leerde op school was de definitie van Oomkes: Communicatie is de uitwisseling van symbolische informatie, die plaatsvindt tussen mensen die zich bewust zijn van elkaars aanwezigheid, onmiddellijk of gemedieerd. Deze informatie wordt deels bewust, deels onbewust gegeven, ontvangen en geïnterpreteerd.

Het zender-ontvanger model staat me ook nog goed bij: je codeert zo goed mogelijk het bericht dat je wilt overbrengen en zend dat naar de ontvanger. Onderweg ontstaat er vaak ruis op de lijn. De ontvanger decodeert het inkomende signaal en interpreteert de boodschap naar eigen goeddunken, meestal onbewust. En dus is de oorspronkelijke boodschap bijna nooit hetzelfde als de uiteindelijk aangekomen boodschap.

Dus hoe korter de afstand is die de boodschap moet afleggen, hoe minder ruis op de lijn. Een-op-een contact tussen zender en ontvanger is nog steeds het meest doeltreffend en duidelijk. Maar ja, dat kan natuurlijk niet altijd, en dus kwamen er media. Waar je vroeger een postkoets of postduif stuurde (of nog erger de doorvertel-techniek gebruikte) wat nogal wat vertraging en ruis op de lijn veroorzaakte, zijn er tegenwoordig een veelvoud aan nieuwe media beschikbaar om ruis te minimaliseren en snelheid te bevorderen.

Voor de samenwerking binnen bedrijven in een snel veranderende maatschappij is het zeker met de globalisering en ook door onder andere het Nieuwe Werken (waardoor fysiek een-op-een contact steeds minder vanzelfsprekend is) belangrijk dat boodschappen in rap tempo worden overgebracht. Maar dat niet alleen: de boodschap moet ook helder zijn, weinig ruis op de lijn bevatten, en voor het bevorderen van snel schakelen (je gaat immers niet meer zitten wachten tot die postduif eindelijk weer terug is) is het ook belangrijk dat mensen waar dan ook kunnen reageren op de boodschap om te verifiëren of ze de gezonden boodschap wel goed begrepen hebben. Interne communicatie op snel en hoog niveau dus.

Bij C-Roots geloven we in interne communicatie. Omdat je eerst goed moet begrijpen wat je samen bent (identity), en wat je samen wilt betekenen voor je buitenwereld. Omdat je samen heel goed moet definiëren welke boodschap je wilt zenden en hoe je dat met zo min mogelijk ruis op de lijn kunt doen. Omdat dat je bestaansrecht uiteindelijk bepaalt. Vooral wanneer je als bedrijf aan veranderingen onderhevig bent. En waarom dan niet gebruik maken van de allernieuwste snufjes op (social) media-gebied om intern de dialoog met elkaar aan te gaan. Gewoon omdat het kan, zelfs als je niet fysiek aanwezig bent. En niet alleen tussen zender en individuele ontvanger, maar juist tussen vele zenders en ontvangers tegelijk.

Nog te vaak zien we dat bedrijven en instellingen vast blijven houden aan ‘oude en trage’ media, die niet alleen een relatief lange afstand afleggen om de boodschap bij de interne ontvangers te krijgen, maar ook beperkt zijn in snelle feedbackmogelijkheden en interactie. Maar gelukkig zijn er meer en meer bedrijven die inzien dat je de nieuwe interactieve en sociale media niet alleen naar klanten toe kan inzetten maar dat deze ook voor de interne processen heel doeltreffend kunnen zijn en als een waar platform kunnen dienen. Zie hier een prima voorbeeld van hoe ze dat bij Philips hebben opgepakt.

Saskia Schipper

 

I rock, therefore I am

Afgelopen zaterdag reisde ik af naar het Belgische Werchter voor een concert van Prince. Tegenwoordig is hij een Jehovah’s getuige. Jehovah’s geloven dat het einde der tijden nabij is. Prince vindt vooral dat het internet ten dode is opgeschreven, zo zegt hij in de Daily Mirror.  En als internet verdwijnt, dan hoef je je nieuwe plaat natuurlijk ook niet via dat medium aanbieden. Dus iTunes kan het shaken met de verkoop van zijn nieuwe cd 20Ten, en ook Youtube moet het ontgelden. Ja je moet toch wat zeggen om publiciteit te krijgen natuurlijk.

Het is namelijk wel opmerkelijk. Zijn vorige CD was namelijk enkel en alleen via internet verkrijgbaar. Via een speciale website waarvan je voor 70 dollar lid moest worden voor een jaar kon je drie albums (dan wel gratis) downloaden en ook bijzondere foto’s zien. En tot nu toe had Prince een heel leger aan mensen in dienst om alles wat er op internet verscheen over hem aan foto’s van concerten, downloadbare muziek en filmpjes van optredens per direct van het internet te verwijderen (zijn eeuwige strijd met de auteursrechten). Dus toen ik terug kwam van de Londonse concerten drie jaar geleden en even fijn wat bewijsmateriaal wilde scoren op internet, moest ik snel wezen, zo rap werd het verwijderd. (We moesten toen overigens ook onze telefoons/camera’s inleveren bij de O2, want his royal badness wenste geen opnamen of any kind in de zaal. Na het optreden weer ophalen.)

Wat er wel was ten tijde van de concerten in London was veel communicatie rondom de 21 concerten die hij ging geven. Dat ontbrak er dit weekend volledig aan. Zo kwam ik er toevallig achter tijdens het surfen op het net dat Prince Werchter aan zou doen. Niet op zijn eigen website, want die heeft hij niet. Maar gewoon ergens terloops. Niks geen campagnevoering om kaarten te verkopen. Kaarten voor het concert waren dan ook nog volop aan de deur te koop, zelfs voor de Golden Circle vooraan bij het podium.

Zijn nieuwe cd was alleen te krijgen als je de Belgische krant Het Nieuwsblad kocht, want daar zat hij bij. In Leuven waar ik zou overnachten was geen krant meer te krijgen. Maar, dacht ik, op het festivalterrein zal vast wel een enorme stand van een van deze kranten zijn, waar ze de dagbladen + cd verkopen. Toppromotie van je krant lijkt me. Maar nee, niets van dat. Geen cd te scoren. Ook geen Prince merchandise overigens. Geen T-shirt, geen muziek, geen love-signs, posters of stickers, gewoon NIKS.  Wat je dan zeker wel zou verwachten is dat de man on stage zijn nieuwe plaat ten gehore brengt. Ook dit deed hij niet. Geen enkel nummer. Zelfs de naam Prince kwam niet voor op mijn Golden Circle polsbandje (die ik altijd als aandenken bewaar).

De kleine man is zo’n groot artiest dat hij wellicht denkt dat hij geen communicatie of promotie nodig heeft. Niet onterecht: zonder promotie behaalde het album Around the World in a Day in 1985 moeiteloos de eerste positie op de Amerikaanse albumparade. Maar dat hij Werchter niet weet uit te verkopen is op zijn minst dubieus. Naamsbekendheid is blijkbaar toch niet genoeg. Neemt niet weg dat ik weer een geweldige experience beleefd heb, met als hoogtepunt Purple Rain in de stromende regen inclusief grote bliksemschichten op de achtergrond, wat totaal ongeregisseerd een magisch moment opleverde. Want een rasartiest blijft hij!

Het is ergens fijn om te zien dat artiesten als Prince trouw willen en kunnen blijven aan hun roots en identiteit zonder slachtoffer te worden van vercommercialisering.

I rock, therefore I am
I don’t need you to tell me I’m in the band
I rock, therefore I am
Right or wrong, I sing my song the best I can

I don’t need you to tell me what clothes to wear
I don’t want suggestions about my hair
If the whole world buys your bullshit, I don’t care
I’d rather put on something that you won’t dare

(Chaos and Disorder, 1996)

De nieuwe cd heb ik uiteindelijk weten te scoren in Antwerpen, voor een bedrag van EUR 1,60! En ik had plenty of space daar vooraan bij het podium om lekker uit mijn dak te gaan zonder geplet te worden tegen de dranghekken. Soms is het fijn geen doelwit van de commercie te zijn!

Saskia Schipper

 

Sociaal op vakantie

Als je op vakantie gaat, doe je er van alles aan om te voorkomen dat iedereen weet dat je weg bent: een tijdschakelaar op de verlichting, een fijne buur die elke avond even de gordijnen dicht doet en zorgt dat de kranten en brieven niet op de mat blijven liggen. Het koortje door de brievenbus eraf. Vooral geen auto-reply op je email met ‘ik ben op vakantie’. Wat je hoogstens doet is De Telegraaf laten doorsturen naar je vakantie-adres. (Dat is al erg genoeg.)

Maar in de huidige digitale wereld kun je eigenlijk net zo goed een bord op je deur hangen met de reisschema. Handig voor de inbrekers. Tja, want het blijft verleidelijk en ook stoer om je thuisfront op de hoogte te houden van je zoveelste reisavontuur in Verweggistan, via weblog, Facebook, Twitter, MySpace of Hyves. O zo handig dat bij je status-update tegenwoordig meteen je huidige locatie wordt toegevoegd. En als je de laptop van je werk mee hebt, waarmee je lekker overal ter wereld toegang hebt tot alle thuisservers, wordt vertrouwelijke informatie via onbeveiligde wegen misschien nog wel eens wereldnieuws.

Je kunt dus ook te sociaal zijn, vinden ook de jongens van www.pleaserobme.com. Marketingtechnisch hebben alle nieuwe snufjes in social media en allerhande applicaties natuurlijk vele voordelen (handig toch als je in een straat loopt en je kunt even kijken waar de dichtstbijzijnde Appie is, of welke huizen er te koop staan?). Maar persoonlijke veiligheid is wel iets waar we ons wellicht nog eens in moeten verdiepen. Zeker de komende periode.

Take a break! En doe dan ook gelijk een social media vakantie! Hoe? Check hier acht tips van Managersonline om je te helpen. Is ook een stuk socialer voor je reisgenoten overigens… ;-)

Saskia Schipper

* Bron foto: Jen Hinton

 

De afdeling Mentaliteit

“Service is geen afdeling maar een mentaliteit,” las ik onderweg op mijn fiets naar huis, De abri-kop bleef hangen in mijn hoofd. Het is dan ook een keiharde waarheid.

Service is geen attachment dat je aan je bedrijf kunt plakken om klanten tevreden te houden. Je moet de klanten oprecht service willen bieden, vanuit de kern (wij noemen dat natuurlijk de roots). Dan betekent het dat het in je mentaliteit moet zitten om klanten daadwerkelijk service te kunnen bieden.

Het doet me denken aan wat ik recentelijk las in “De Lachende Boeddha” van Mark Magill:

“De geest (red. =mentaliteit) bepaalt je gedrag. Je huidige gedrag bepaalt je toekomstige geluk of ellende. Daarom moet je je aandacht erbij houden. Om het beste in jezelf wakker te maken, moet je jezelf keer op keer met de neus op de feiten drukken. Die inspanning maakt het verschil.”

Aandacht hebben voor en geven aan bij het overwinnen van negatieve emoties/connotaties die klanten soms hebben. Veel bedrijven kunnen maar moeilijk langdurig oprechte aandacht opbrengen als het service betreft. Toch heb ik het gevoel dat werkelijke aandachtsinvestering in the end behoorlijk wat Return in Investment op zou kunnen leveren, als je service benadert en behandelt vanuit het hart, de kern van je wezen, je identiteit. In termen van geld, loyaliteit, innovatie en productontwikkeling (als je heel goed luistert wat je klanten zeggen) en betrouwbaarheid bijvoorbeeld.

Nooit meer kiezen tussen goed en goedkoop. Want service is geen afdeling maar een mentaliteit. Zo claimt Tele-2 Zakelijk in haar campagne. Ze noemen dat De Nieuwe Realiteit. Ik snap het verband hier helaas niet helemaal, want echt vernieuwend is een goede prijs/kwaliteit/service verhouding niet. Ik mis een beetje de eerlijke kern van hun mentaliteits-statement. Zou service echt zo mentaal verweven zijn in de organisatie?

Zou het geen goed idee zijn een afdeling Mentaliteit aan de basis van elk organigram te plaatsen, ter bevordering van de Nieuwe Eerlijke Aandachtigheid? Ik wil wel helpen met de ontwikkeling van de Corporate Mentality Guidelines…

Saskia Schipper

 

Oranjeritis

Ons land was de afgelopen week weer behoorlijk oranje gekleurd met Koninginne- en Bevrijdingsdag. En met het WK voor de boeg zal dat voorlopig nog wel even zo blijven. Een typisch geval van het virus Oranjeritis.

Oranje is bij uitstek dé nationale huisstijlkleur. Ondersteund met rood-wit-blauw. ING, Easyjet, TNT Post, KNVB, Q-dance, Rabobank, C1000, RTL4, de Staatsloterij, de VVD en Orange Babies zijn al zo corporate oranje dat ze heel makkelijk op het oranje-thema in kunnen spelen. Maar ik vind het opvallend dat veel bedrijven de oranje huisstijlkleur in deze tijden zonder problemen aan hun corporate kleurenpalet lijken toe te voegen. Logo’s worden klakkeloos op oranje achtergronden geplakt of geïntegreerd in allerlei standaard aangeboden promotie-artikelen. Ik vind het soms jammer dat bedrijven niet altijd goed kijken welke van dit soort promoties passend zijn bij hun identiteit, hun visie en missie en product of dienst. Maar er zijn ook heel veel goede inhakers bij!

Echt veel kan er volgens mij overigens niet misgaan, mits je de context waarin je het plaatst in de gaten houdt (Welke merchandise past bij jou en je klanten? En denk ook aan hoe je de boodschap in copy en art verpakt: wordt het niet te cliché en/of flauw, voegt het wat toe?). Want of je het oranje thema nu wel of niet 100% volgens de corporate guidelines inzet, over het algemeen brengt oranje ons als Nederlanders hoe dan ook in een positieve stemming:

ORANJE:
- staat voor vertrouwen, onafhankelijkheid en een sterke identiteit
- is de kleur van creatieve scheppende levenskracht, invoelendheid en positieve sociale contacten
- is stralend en zorgt ervoor dat je opgewekt en positief in het leven staat
- combineert lichamelijke energie met mentale kwaliteiten
- is de kleur voor ideeën en mentale concepten
- is een kleur die de sociale contacten en saamhorigheid versterkt

Oranje stimuleert ook de spijsvertering, zo blijkt. Ik neem nog zo’n heerlijke oranje tompouce!

Saskia Schipper

 

Sterk merk

Een sterk merk, dat willen we toch allemaal? American Apparel is het gelukt zo’n merk te bouwen. De grootste kleding fabrikant in de USA is niet alleen de fabrikant, maar ook de grossier, de retailer, de designer, de adverteerder en de marketeer van dit eigen merk als ik Wikipedia mag geloven. Een soort HEMA maar dan anders.

Goed sterk dus dat merk, of misschien wel iets te sterk? Kijk hier wat er op een doordeweekse Goede Vrijdag in London kan gebeuren als iedereen gebrand is op jouw merkkleding. Persmomentje?

 

Paasmania

Pasen. In mijn herinneringen een bescheiden feest, waarbij ik als kind palmpasen takken mocht maken op school voor de zondag voor Pasen, en het een week lang ging over de lijdensweg van Jezus. Daarna werd het lente en hadden we paasvakantie. Met Pasen zelf kookte mijn moeder eieren die we mochten beschilderen. Mijn vader moest - weer of geen weer - midden in de nacht de eieren verstoppen in de tuin en liefst ook onthouden waar hij ze had neergelegd. Ze waren trouwens niet te eten, want de verf kwam altijd door de schillen heen waardoor je een soort gemêleerd, koud, veel te hard gekookt ei op je bord kreeg. Wel opeten hoor! Een half jaar later vond je dan soms nog een paar rotte eieren terug die je met Pasen niet had kunnen vinden en die pappa ook niet meer had kunnen localiseren.

Maar Pasen is Pasen niet meer. Eieren koken en schilderen, het zal nog maar mondjesmaat voorkomen met al het aanbod aan chocolate-eieren met vrolijke kleurtjes. Ik betwijfel ook hoeveel mensen het verhaal achter de paasviering nog kennen. Aan het foldermateriaal dat ik nu in de brievenbus vind, de mailings die ik ontvang per e-mail, en de drukte in de winkelstraten is duidelijk te merken dat er weer alles aan gedaan wordt om nog een extra omzetpiek in het jaar te genereren.

Was het eerst alleen met kerst dat je de dag ervoor niet meer naar de supermarkt durfde, daarna durfde je ook al weken voor Sinterklaas niet meer (laten we het niet hebben over pepernoten in augustus), en nu vermijd ik het ook met Pasen. Vers paasfruit, paascake, paashagel, paashaas-kaas. Ik zie geen verschil met de gewone producten, maar plak er een paas-etiket op en alle paashazen kunnen weer lekker gaan shoppen.

Vanaf Pasen eten we chocoladeletters en pepernoten, vanaf Sinterklaas kerstkransjes en stollen, en vanaf kerst paaseitjes… De periode van Pasen tot Sinterklaas is best lang eigenlijk om pepernoten te eten. Ik wacht met smart op de volgende truc voor nog een extra omzetpiekje. Ah, ik zie het al: het WK voetbal. Lekker WK-kaas op mijn brood. Aanvalluh!

VROLIJK PASEN!

 

Dream a little dream with me

Het was in 2003 dat ik op slag verliefd werd op dance4ife. Ik had bewondering voor de droom die Dennis Karpes en Ilco van der Linde samen deelden, en hun vastberadenheid om hun droom werkelijkheid te maken: jongeren over de hele wereld inspireren om in actie te komen om de verspreiding van hiv en aids terug te dringen (milleniumdoel 6). Dit alles onder het motto Tell me and I will forget, show me and I may remember, involve me and I will understand.

Net afgestudeerd op het onderwerp Brand Events, sprak dit mij natuurlijk enorm aan, want de heren hadden de ambitie om over de hele wereld op de zaterdag voor Wereld Aids Dag op dezelfde tijd een simultaan evenement plaats te laten vinden, waarbij al deze evenementen ook nog eens live in verbinding zouden staan. Het toppunt van interactie. De hele wereld, dat is niet niks! Daar is geld voor nodig, een hoop lobby-werk, veel onvoorwaardelijk vertrouwen van mensen die dit initiatief een warm hart toe dragen, tomeloze inzet van vrijwilligers, en misschien wel het belangrijkste: het continue en consistent uitdragen van je juiste tot actie aanzettende marketing en communicatie, in woord, beeld en gedrag.

In de afgelopen jaren heb ik dance4ife in rap tempo zien groeien. Steeds meer bekendheden wilden hun naam verbinden aan Dance4Life en ambassadeurschap aangaan. Evenementorganisaties en reclamebureaus boden belangeloos hun diensten aan. Vele scholen deden mee aan de scholenactie, en dus werden er ontzettend veel scholieren actief betrokken, bewust en deelgenoot gemaakt van dit concept. Door te inspireren, te onderwijzen, te activeren en te vieren.

Hoe fantastisch was het in 2004 toen er in 3 landen tegelijk het eerste event plaatsvond met live-satellietverbinding en de nodige media-aandacht. En nu anno 2010 is dit initiatief uitgegroeid tot een wereldwijde movement, tot een organisatie die in meer dan twintig landen (verspreid over vijf continenten!) actief is! dance4life international, ook gevestigd in Nederland, coördineert en begeleidt landen die het dance4life concept hebben opgezet of willen gaan opzetten. En Dennis: hij werd in 2008 door het Wereld Economisch Forum benoemd to Young Global Leader.

Voor mij is dit een voorbeeld van hoe je een goed concept eindeloos kunt uitbouwen, zolang je maar bij de roots blijft, want dat zijn ze altijd gebleven. Eenduidig in boodschap en gedrag vanuit de droom. En hierbij blijven ze nooit hangen in ouderwetse media, maar gaan altijd weer mee met de nieuwste ontwikkelingen, zoals social networks, sms-acties etcetera. En sinds vorige jaar zelfs een volledig nieuwe huisstijl.

Ik vind het dan ook geweldig om te zien dat de VEA de Dag van het Interactief Talent 2010 (DIT) aangrijpt om jonge mensen het beste interactieve concept te laten ontwikkelen voor dance4ife, waarbij de winnaars kans maken om hun concept ook echt voor dance4life uit te mogen werken. Weer een goede zet in de richting van involvement! De andere prijs, een jaar lang gratis condooms, is misschien wat bedenkelijk…de een z’n jaar is de andere niet lijkt me. En ik denk dat de VEA ook even snel in actie moet komen, want hoewel zijn een heerlijk interactieve site voor DIT hebben ontwikkeld, is het natuurlijk niet handig als daar nog de content van vorig jaar op staat… Ik ben benieuwd naar de concepten!

Saskia Schipper