Geschikte werknemers vinden is vaak best een klus. Zelfs als de werkloosheid hoog is. Met een stapel goede CV’s ben je er nog niet. De nieuweling in kwestie moet niet alleen uitstekend werk kunnen verrichten: als mens moet hij of zij ook bij de filosofie van het bedrijf passen, een klik hebben met de andere medewerkers, in potentie straks aan een woord genoeg hebben, zich prettig voelen in de omgeving waar hij/zij straks de meeste uren per dag doorbrengt.
Als je nieuwe mensen zoekt is het beter om te zorgen dat degene die je kiest al een intrinsieke klik heeft met de cultuur van je onderneming, dan achteraf te proberen de persoon te veranderen. Zoals menig liefdesrelatie strandt doordat de een de ander wil veranderen, geldt dat misschien ook wel in een werkrelatie. Tenzij er fanatiek aan verandermanagement wordt gedaan natuurlijk, maar dat kost doorgaans een hoop tijd, geld en moeite wat elk bedrijf zich liever wil besparen.
Belangrijk lijkt me om in het wervings- en selectietraject heel goed na te denken over wie je nu precies bent en dat ook duidelijk te maken aan de aspirant medewerker die je zoekt. Een goed begin is het halve werk! “Sollicitanten bezoeken eerst corporate site” kopt Marketing Online. Reden te meer om te zorgen dat die website gestoeld is op je echte identiteit en dus echt representeert wie/wat je in de kern bent. Het kan voor beide partijen een hoop teleurstellingen en tijdsinspanningen voorkomen, hoewel het natuurlijk geen 100% garantie geeft: persoonlijk contact werkt toch altijd nog het beste. En dat geldt niet alleen voor werving- en selectie maar natuurlijk ook voor potentiële klandizie. Mocht je wat tijd over hebben, grijp die kans en neem je site eens goed onder de loep! Of je (kantoor)omgeving, want die zegt ook wat over je…
Ps. Wij bij C-Roots vinden het altijd leuk om mee te kijken…
Saskia Schipper
Paola Navone deed deze opmerkelijke uitspraak als antwoord op de vraag voor wie zij ontwerpt. Want zegt zij ‘een ontwerp ontstaat altijd uit een ontmoeting en is dus nooit een eenzijdige creatie van de ontwerper’. Een mooie filosofische en romantische benadering die natuurlijk wel wat ver gaat. Het grappige is dat het omgekeerde ook waar zou kunnen zijn: ontwerp nooit voor vrienden. Want met welke motieven komt de samenwerking tot stand en hoe ga je met elkaar om bij meningsverschillen. Maar goed dit is natuurlijk ook te extreem gesteld.
Wat Paola bedoelt is dat een ontwerp ontstaat aan de ene kant vanuit gevoel, intuïtie en smaak. Uitgevoerd door de ambachtelijke kant, waarbij een belangrijk deel subjectief is en ontstaan is vanuit het vertrouwen en de band tussen opdrachtgever en ontwerper. Daarom is het vaak ook zo moeilijk als de opdrachtgever bestaat uit een comité en al helemaal als de samenstelling daarvan verandert tijdens het proces. Dan begint de sluiptocht van het compromis. Het uitleggen van dingen die niet uit te leggen zijn. Gelukkig wordt dat vaak vergeten als alles af is en vervaagt de grens tussen het compromis en de verbetering. En heb je er meestal vrienden bijgekregen.
Bart-Jan Horrée
Zo’n beetje het eerste wat ik over communicatie leerde op school was de definitie van Oomkes: Communicatie is de uitwisseling van symbolische informatie, die plaatsvindt tussen mensen die zich bewust zijn van elkaars aanwezigheid, onmiddellijk of gemedieerd. Deze informatie wordt deels bewust, deels onbewust gegeven, ontvangen en geïnterpreteerd.
Het zender-ontvanger model staat me ook nog goed bij: je codeert zo goed mogelijk het bericht dat je wilt overbrengen en zend dat naar de ontvanger. Onderweg ontstaat er vaak ruis op de lijn. De ontvanger decodeert het inkomende signaal en interpreteert de boodschap naar eigen goeddunken, meestal onbewust. En dus is de oorspronkelijke boodschap bijna nooit hetzelfde als de uiteindelijk aangekomen boodschap.
Dus hoe korter de afstand is die de boodschap moet afleggen, hoe minder ruis op de lijn. Een-op-een contact tussen zender en ontvanger is nog steeds het meest doeltreffend en duidelijk. Maar ja, dat kan natuurlijk niet altijd, en dus kwamen er media. Waar je vroeger een postkoets of postduif stuurde (of nog erger de doorvertel-techniek gebruikte) wat nogal wat vertraging en ruis op de lijn veroorzaakte, zijn er tegenwoordig een veelvoud aan nieuwe media beschikbaar om ruis te minimaliseren en snelheid te bevorderen.
Voor de samenwerking binnen bedrijven in een snel veranderende maatschappij is het zeker met de globalisering en ook door onder andere het Nieuwe Werken (waardoor fysiek een-op-een contact steeds minder vanzelfsprekend is) belangrijk dat boodschappen in rap tempo worden overgebracht. Maar dat niet alleen: de boodschap moet ook helder zijn, weinig ruis op de lijn bevatten, en voor het bevorderen van snel schakelen (je gaat immers niet meer zitten wachten tot die postduif eindelijk weer terug is) is het ook belangrijk dat mensen waar dan ook kunnen reageren op de boodschap om te verifiëren of ze de gezonden boodschap wel goed begrepen hebben. Interne communicatie op snel en hoog niveau dus.
Bij C-Roots geloven we in interne communicatie. Omdat je eerst goed moet begrijpen wat je samen bent (identity), en wat je samen wilt betekenen voor je buitenwereld. Omdat je samen heel goed moet definiëren welke boodschap je wilt zenden en hoe je dat met zo min mogelijk ruis op de lijn kunt doen. Omdat dat je bestaansrecht uiteindelijk bepaalt. Vooral wanneer je als bedrijf aan veranderingen onderhevig bent. En waarom dan niet gebruik maken van de allernieuwste snufjes op (social) media-gebied om intern de dialoog met elkaar aan te gaan. Gewoon omdat het kan, zelfs als je niet fysiek aanwezig bent. En niet alleen tussen zender en individuele ontvanger, maar juist tussen vele zenders en ontvangers tegelijk.
Nog te vaak zien we dat bedrijven en instellingen vast blijven houden aan ‘oude en trage’ media, die niet alleen een relatief lange afstand afleggen om de boodschap bij de interne ontvangers te krijgen, maar ook beperkt zijn in snelle feedbackmogelijkheden en interactie. Maar gelukkig zijn er meer en meer bedrijven die inzien dat je de nieuwe interactieve en sociale media niet alleen naar klanten toe kan inzetten maar dat deze ook voor de interne processen heel doeltreffend kunnen zijn en als een waar platform kunnen dienen. Zie hier een prima voorbeeld van hoe ze dat bij Philips hebben opgepakt.
Saskia Schipper
Als je op vakantie gaat, doe je er van alles aan om te voorkomen dat iedereen weet dat je weg bent: een tijdschakelaar op de verlichting, een fijne buur die elke avond even de gordijnen dicht doet en zorgt dat de kranten en brieven niet op de mat blijven liggen. Het koortje door de brievenbus eraf. Vooral geen auto-reply op je email met ‘ik ben op vakantie’. Wat je hoogstens doet is De Telegraaf laten doorsturen naar je vakantie-adres. (Dat is al erg genoeg.)
Maar in de huidige digitale wereld kun je eigenlijk net zo goed een bord op je deur hangen met de reisschema. Handig voor de inbrekers. Tja, want het blijft verleidelijk en ook stoer om je thuisfront op de hoogte te houden van je zoveelste reisavontuur in Verweggistan, via weblog, Facebook, Twitter, MySpace of Hyves. O zo handig dat bij je status-update tegenwoordig meteen je huidige locatie wordt toegevoegd. En als je de laptop van je werk mee hebt, waarmee je lekker overal ter wereld toegang hebt tot alle thuisservers, wordt vertrouwelijke informatie via onbeveiligde wegen misschien nog wel eens wereldnieuws.
Je kunt dus ook te sociaal zijn, vinden ook de jongens van www.pleaserobme.com. Marketingtechnisch hebben alle nieuwe snufjes in social media en allerhande applicaties natuurlijk vele voordelen (handig toch als je in een straat loopt en je kunt even kijken waar de dichtstbijzijnde Appie is, of welke huizen er te koop staan?). Maar persoonlijke veiligheid is wel iets waar we ons wellicht nog eens in moeten verdiepen. Zeker de komende periode.
Take a break! En doe dan ook gelijk een social media vakantie! Hoe? Check hier acht tips van Managersonline om je te helpen. Is ook een stuk socialer voor je reisgenoten overigens…
Saskia Schipper
* Bron foto: Jen Hinton
Dit weekend heb ik mij wederom verbaasd over het bieden van de ‘oneindige’ keuze. Is dat vooral iets wat nog voorkomt bij producten waarmee je een huis in richt? Elders is de keuze toch vaak ‘zogenaamd’ eindeloos? Tijdens mijn zoveelste sessie kleur kiezen voor een gietvloer, werd ik opnieuw geconfronteerd met de keuze tussen 300+ kleurtinten en combinaties. Alles kan en mag zolang ik zelf maar de definitieve controle uitvoer. Het lijkt wel of het proces van kleur kiezen juist moeilijk en spannend moet zijn.
Dat: [... iedereen met hetzelfde dilemma zit en uiteindelijk toch wel de goede keuze maakt..], stelt mij nou nét niet gerust. Inmiddels voel ik mij de ‘domme’ consument die in staat is om een voorkeur aan te wijzen variërend van wit tot olijfgroen. Zit de expertise dan enkel in het product wat ze bieden? Het ‘oneindige keuze’-fenomeen wordt nog eens versterkt door omgevingsfactoren in de showroom. De kleurenwaaier en de voorbeeld-stalen werken niet, ze voegen namelijk niks toe aan mijn verbeelding.
De oplossing is dus simpel, maak het mij makkelijker! Volgens mij zijn alle partijen erbij gebaat om snel tot de ‘juiste’ keuze te komen. De kwaliteit van het product is hier ondergeschikt en wordt gegarandeerd. De service eromheen maakt het interessanter en geeft vertrouwen. Op naar de volgende keuze, de kleur van de muren…? Wit. Kan een iPhone app (Histor Color Studio) mij hierbij helpen? Mijn verwachtingen zijn vooralsnog laag.
Stap ik niet op de fiets omdat het regent, omdat ik geen zin heb om mijn fiets op 3 sloten te zetten nadat ik een plekje aan de brug zou vinden, omdat ik geen zin had om eerst alles bij elkaar te zoeken om vervolgens in een gigantische rij te gaan staan om te passen en vervolgens weer in dezelfde rij voor de betalingen te gaan staan, besloot ik vol optimisme eens even virtueel te gaan shoppen. Shoppen zonder hoppen ook wel genoemd en dat klinkt alleen al goed.
Dus alles binnen handbereik en lekker browsen. Eerst even inspiratie opdoen op de mooie merken sites die me erg aan spreken en dan kijken of ik het na kan bootsen bij de goedkopere variant. Leuke bezigheid en hiermee kan al het bovenstaande heerlijk ontlopen worden…althans dat dacht ik.
Het onmogelijke wordt mogelijk! Ben je er helemaal klaar voor, precies in je hoofd wat het worden moet, welke items nog ontbreken en nodig moeten worden aangevuld: krijg ik een scherm voor mijn neus met daarop de tekst:
“Het is druk in de winkel!” Of ik het op een later tijdstip nog eens wil proberen.

Daar zit je dan, heerlijk onderuit en sta je digitaal in de wacht. Ik kon er alleen maar heel hard om lachen, wist echt niet dat dit kon. Een heerlijke realiteits-check. Dan toch maar consuminderen. Want hoe nodig is nodig?
Ellen Horsselenberg
“Service is geen afdeling maar een mentaliteit,” las ik onderweg op mijn fiets naar huis, De abri-kop bleef hangen in mijn hoofd. Het is dan ook een keiharde waarheid.
Service is geen attachment dat je aan je bedrijf kunt plakken om klanten tevreden te houden. Je moet de klanten oprecht service willen bieden, vanuit de kern (wij noemen dat natuurlijk de roots). Dan betekent het dat het in je mentaliteit moet zitten om klanten daadwerkelijk service te kunnen bieden.
Het doet me denken aan wat ik recentelijk las in “De Lachende Boeddha” van Mark Magill:
“De geest (red. =mentaliteit) bepaalt je gedrag. Je huidige gedrag bepaalt je toekomstige geluk of ellende. Daarom moet je je aandacht erbij houden. Om het beste in jezelf wakker te maken, moet je jezelf keer op keer met de neus op de feiten drukken. Die inspanning maakt het verschil.”
Aandacht hebben voor en geven aan bij het overwinnen van negatieve emoties/connotaties die klanten soms hebben. Veel bedrijven kunnen maar moeilijk langdurig oprechte aandacht opbrengen als het service betreft. Toch heb ik het gevoel dat werkelijke aandachtsinvestering in the end behoorlijk wat Return in Investment op zou kunnen leveren, als je service benadert en behandelt vanuit het hart, de kern van je wezen, je identiteit. In termen van geld, loyaliteit, innovatie en productontwikkeling (als je heel goed luistert wat je klanten zeggen) en betrouwbaarheid bijvoorbeeld.
Nooit meer kiezen tussen goed en goedkoop. Want service is geen afdeling maar een mentaliteit. Zo claimt Tele-2 Zakelijk in haar campagne. Ze noemen dat De Nieuwe Realiteit. Ik snap het verband hier helaas niet helemaal, want echt vernieuwend is een goede prijs/kwaliteit/service verhouding niet. Ik mis een beetje de eerlijke kern van hun mentaliteits-statement. Zou service echt zo mentaal verweven zijn in de organisatie?
Zou het geen goed idee zijn een afdeling Mentaliteit aan de basis van elk organigram te plaatsen, ter bevordering van de Nieuwe Eerlijke Aandachtigheid? Ik wil wel helpen met de ontwikkeling van de Corporate Mentality Guidelines…
Saskia Schipper
Professioneel amateurisme noemt copywriter en vriend Hajo Francken het. De overtuiging van veel mensen dat ze overal verstand van hebben en alles kunnen. Niet dat ze lijden aan zelfoverschatting of dat ze arrogant zijn of zo, maar gewoon omdat er ook echt heel veel kan.
Foto’s maken is super gemakkelijk, er is altijd wel een camera in de buurt en het kan bijna niet meer mislukken. De camera regelt het licht en de scherpte en als je per ongeluk een wat vreemde uitsnede kiest dan ben je opeens hip en creatief. Toch halen veel mensen moeiteloos uit tientallen foto’s die ene foto die door een professional is gemaakt. Met film is het precies hetzelfde. In imovie kan je makkelijk je eigen filmpjes editten alles wijst vanzelf en als je het niet meer weet dan geeft google je ongetwijfeld een goede oplossing. Maar ook met het schrijven is het eigenlijk hetzelfde. Overal vandaan kan je stukjes tekst kopiëren, teksten worden voor je vertaald en de spelling check geeft wel aan of het goed of fout is. Maar het grote gevaar van al die mogelijkheden, programma’s templates, format’s en andere tools is dat het voor vele de norm wordt. Dat bijvoorbeeld de lay-out van het visitekaartje in het office programma iwork de standaard wordt. Dat de consumptie maatschappij zich uitbreid naar het domein creativiteit, waardoor authenticiteit en daarmee de basis voor vernieuwing verloren gaat. Daarnaast is het heel vermoeiend en tijdrovend om op elk gebied de discussie met de ‘amateur’ aan te gaan. Of de spellingscontrolle gelijk heeft. Hoe de foto gemaakt moet worden of hoe de film moet worden gemonteerd. Misschien is het voor die amateur goed om te beseffen dat het woord amateur is afgeleid van het franse woord voor liefhebber ( wikipedia
) en dat we als zodanig naar creatief werk zouden moeten kijken.
Bart-Jan Horrée
Ons land was de afgelopen week weer behoorlijk oranje gekleurd met Koninginne- en Bevrijdingsdag. En met het WK voor de boeg zal dat voorlopig nog wel even zo blijven. Een typisch geval van het virus Oranjeritis.
Oranje is bij uitstek dé nationale huisstijlkleur. Ondersteund met rood-wit-blauw. ING, Easyjet, TNT Post, KNVB, Q-dance, Rabobank, C1000, RTL4, de Staatsloterij, de VVD en Orange Babies zijn al zo corporate oranje dat ze heel makkelijk op het oranje-thema in kunnen spelen. Maar ik vind het opvallend dat veel bedrijven de oranje huisstijlkleur in deze tijden zonder problemen aan hun corporate kleurenpalet lijken toe te voegen. Logo’s worden klakkeloos op oranje achtergronden geplakt of geïntegreerd in allerlei standaard aangeboden promotie-artikelen. Ik vind het soms jammer dat bedrijven niet altijd goed kijken welke van dit soort promoties passend zijn bij hun identiteit, hun visie en missie en product of dienst. Maar er zijn ook heel veel goede inhakers bij!
Echt veel kan er volgens mij overigens niet misgaan, mits je de context waarin je het plaatst in de gaten houdt (Welke merchandise past bij jou en je klanten? En denk ook aan hoe je de boodschap in copy en art verpakt: wordt het niet te cliché en/of flauw, voegt het wat toe?). Want of je het oranje thema nu wel of niet 100% volgens de corporate guidelines inzet, over het algemeen brengt oranje ons als Nederlanders hoe dan ook in een positieve stemming:
ORANJE:
- staat voor vertrouwen, onafhankelijkheid en een sterke identiteit
- is de kleur van creatieve scheppende levenskracht, invoelendheid en positieve sociale contacten
- is stralend en zorgt ervoor dat je opgewekt en positief in het leven staat
- combineert lichamelijke energie met mentale kwaliteiten
- is de kleur voor ideeën en mentale concepten
- is een kleur die de sociale contacten en saamhorigheid versterkt
Oranje stimuleert ook de spijsvertering, zo blijkt. Ik neem nog zo’n heerlijke oranje tompouce!
Saskia Schipper